Om onze hernieuwbare doelstellingen te halen en de klimaatverandering een halt toe te roepen, hebben we nood aan een stroomversnelling voor zonne-energie. De Vlaamse zonnekaart toont aan dat er nog een enorm potentieel is aan geschikte daken om zonnestroom te produceren. Belangrijk is dat we daarbij afstappen van het idee om de productie van zonne-energie te richten op het eigen verbruik van de gebouweigenaar. We moeten naar een maximaal gebruik van de beschikbare daken én een goede inpassing van die stroomproductie in het net. Niet alleen bij mensen thuis, maar ook op het dak van de school, het bedrijf of de sportclub. Daarbij moet iedereen de mogelijkheid krijgen om mee te stappen in een zonneproject, ook als ze zelf geen geschikt dak ter beschikking hebben, huurder zijn of over een beperkt budget beschikken. Iedereen Hernieuwbaar vraagt daarom:

1. Geef objectieve informatie

Objectieve en duidelijke informatie moet mensen bewust maken van hun zonnepotentieel en de drempel voor het plaatsen van zonnepanelen verlagen.

  • Verdere promotie en gebruik van de zonnekaart met ‘zonneambassadeurs’: Zonne-ambassadeurs (bv. bij de energiehuizen, steunpunten duurzaam bouwen, energiecoöperaties) geven mensen en bedrijven objectieve informatie over het plaatsen van zonnepanelen. Ze interpreteren de zonnekaart en begeleiden bij de aanvraag van offertes en de selectie van een goede en betrouwbare installateur.
  • Een goede opleiding en nascholing van architecten: In de praktijk blijkt dat de kennis van architecten over de mogelijkheden van hernieuwbare energie en zonne-energie vaak tekort schiet. We denken hierbij specifiek aan de mogelijkheden van gebouwgeïntegreerde zonnepanelen en aan de combinatie met energie-opslag, warmtepompen en elektrische voertuigen.

 

2. Maak van zon een interessante investering voor iedereen

Vandaag zijn zonnepanelen voor gebouweigenaars met een geschikt dak al een rendabele investering. Dat moet zo blijven. Maar er zijn veel meer gebouwen die vragen om zonne-energie, zoals bedrijven, scholen, huurwoningen en appartementsgebouwen. Dit potentieel wordt vandaag nog veel te weinig benut.

Zon op grote daken: om zonne-energie ook op grote daken verder te laten groeien, zien we twee mogelijke pistes:

  • We vragen een steunniveau dat een grotere aanwending van grote daken mogelijk maakt:
    • Grote projecten blijken vandaag niet voldoende rendabel als er weinig stroom ter plekke wordt verbruikt. Daarom worden grote daken vaak niet of niet volledig gebruikt. We vragen daarom om het steunniveau te herberekenen zodat het ook interessant is om te investeren in zonnepanelen op een dak waar weinig ter plekke wordt verbruikt.
    • Voor collectieve zonnedaken vragen we daarnaast een aangepast steunniveau om burgers aan te moedigen die mee willen investeren in zonne-energie. Daarbij moet steun worden toegekend voor de elektriciteit die de eigenaar niet zelf gebruikt maar op het net injecteert.
  • Aanbestedingen voor meer zon: Om het potentieel op grote daken te ontsluiten, vragen we om aanbestedingen voor grote projecten uit te schrijven. Deze geselecteerde projecten die de dakoppervlakte maximaal benutten, krijgen hierbij steun uit het energiefonds. We zien daarbij een centrale rol voor lokale besturen. Zij selecteren op basis van de zonnekaart de geschikte zonnedaken en schrijven voor deze daken een aanbesteding uit. Ze kijken daarbij niet alleen naar de eigen openbare gebouwen, maar selecteren ook daken van privégebouwen. Voor deze aanbestedingen doen we twee aanbevelingen:
    • Er wordt een modelbestek ter beschikking gesteld. In de beoordeling van de aanbestedingen worden extra punten toegekend aan coöperatieve projecten. De burgers kunnen dan mede-eigenaar worden van zonnepanelen op een ander dak, alsook van de stroom die daarmee geproduceerd wordt. De burgercoöperatie beslist zelf hoe de geïnjecteerde stroom en de garanties van oorsprong verder verhandeld worden.
    • Om te zorgen dat iedereen meekan in de energietransitie, geldt een lage instapdrempel en krijgen indieners die sociale doelgroepen betrekken bij een projectoproep de voorkeur:
      • Voor collectieve zonneprojecten die kwetsbare doelgroepen betrekken, worden de daken liefst gratis ter beschikking gesteld.
      • Kwetsbare doelgroepen worden financieel extra beloond voor hun deelname aan collectieve energieprojecten. Als afbakening van deze doelgroep nemen we de inkomensgrens voor de sociale huisvesting. Deze groep energieconsumenten draagt o.a. via de Vlaamse energieheffing bij aan de financiering van hernieuwbare energie, maar heeft er nog niet de baten van kunnen ontvangen. Ze hebben immers niet het investeringsbudget en wonen vaak in een huurwoning. Met wat extra financiële steun geven we deze groep een kans op een return op hun reeds betaalde investering/heffingen.

Ook huurwoningen en appartementsgebouwen verdienen zonnepanelen. Er rijzen vandaag veel vragen als je zonnepanelen wil plaatsen op andermans dak of op het dak van een huurwoning of een appartement. We vragen daarom een duidelijke modelovereenkomst met een afsprakenkader tussen de verschillende betrokkenen. Hier worden vragen beantwoord zoals: wie betaalt het prosumententarief? Bij wie draait de teller terug? En hoe zal dat dan precies geregeld worden op de energiefactuur? Welke rechten en plichten gelden voor het plaatsen van zonnepanelen op appartementen in mede-eigendom?

Asbest eraf, zon erop. In Vlaanderen staan nog veel gebouwen (landbouwbedrijven, oudere KMO-loodsen, scholen enz.) met grote asbestdaken (golfplaten dakbedekking) die gesaneerd moeten worden. Naar het voorbeeld van Nederland vragen we extra steun voor eigenaars die hun asbestdak verwijderen en dit combineren met het installeren van zonnepanelen. Dit stimuleert hernieuwbare energie en is tegelijkertijd een hefboom voor het saneren van asbestdaken. De steunregeling kan de vorm aannemen van een premie per m² zoals in Nederland, in combinatie met een belastingvermindering of een lening aan gunstige voorwaarden.

 

3. Zorg voor een gegarandeerd rendement op zonnepanelen

  • Zorg snel voor duidelijkheid over het compensatiemechanisme dat door het uitrollen van de digitale meter de terugdraaiende teller voor zonnepaneeleigenaars zal vervangen. Dit compensatiemechanisme moet de rendabiliteit van zonnepanelen blijven garanderen, bijvoorbeeld door het prosumententarief af te schaffen, zonnedelen mogelijk te maken en de prosument eerlijk te vergoeden voor injectie en voor netondersteunende diensten.
  • Vandaag beperkt de terugdraaiende teller de dimensionering van zonneinstallaties tot het lokale verbruik. Niemand heeft immers baat bij het plaatsen van een grotere zonne-installatie dan nodig voor het eigen verbruik omdat injectie in het net niet vergoed wordt. Als daardoor dakoppervlak onbenut blijft, is dat eigenlijk een verspilling van zonne-potentieel. Zodra de digitale meters uitgerold zijn en een compensatiemechanisme van kracht is, kunnen de geschikte dakoppervlaktes geoptimaliseerd worden.
  • Bedrijven of personen die meer zonnepanelen plaatsen dan het minimumaandeel hernieuwbare energie dat verplicht is bij nieuwbouw of grondige verbouwing, krijgen tot op vandaag geen steun voor het deel dat ze bovenop het verplichte minimumaandeel plaatsen. We vragen om wel steun toe te kennen aan dit vrijwillige surplus aan zonnepanelen. Ook dit is belangrijk om de geschikte dakoppervlaktes optimaal te benutten.

 

4. Stimuleer een net met (zoveel mogelijk) zon in evenwicht

Om al te grote pieken van zonne-injectie te vermijden en het net meer gelijkmatig te belasten in de loop van de dag, vragen we instrumenten om een slimme inpassing van zonne-energie mogelijk te maken. Maatregelen en oplossingen die een goede inpassing bevorderen zoals (batterij)opslag, elektrische voertuigen en een slim energiegebruik moeten (oa. met een slimme tariefzetting) beloond worden.

  • Zorg voor een toekomstvast tarief dat flexibel en energiezuinig gedrag bevordert en hernieuwbare energie stimuleert. We vragen om daarbij een grondig debat te voeren over de manier waarop de verschillende klantengroepen betalen voor het gebruik van het net. Eerder dan overhaast een statisch capaciteitstarief als ‘overgangsmaatregel’ door te voeren, pleiten we voor een aanpak die is afgestemd op de verschillende beleidsontwikkelingen en die zorgt voor een echt toekomstvast tarief. Daarbij moet gewaakt worden over een billijke verdeling van de kosten tussen de verschillende verbruikerscategorieën, moet de tariefzetting begrijpelijk en gebruiksvriendelijk zijn en moet het de kans op energie-armoede verminderen.
  • Een slimme tariefzetting moet gekoppeld worden aan de gerichte uitrol van digitale meters zodat zonne-energie slim kan ingezet worden. Slimme toestellen, gekoppeld aan digitale meters, en een gerichte begeleiding van de prosumenten moeten helpen om het verbruik slim te sturen. Er moet goed worden afgewogen wanneer en voor welke doelgroepen een digitale meter wenselijk is. Zo weegt het potentieel aan kostenbesparing bij kleine (soms kwetsbare) verbruikers vaak niet op tegen de kost van de digitale meter. Een bijkomende verhoging van de energiekosten moeten we zeker bij deze doelgroepen vermijden.
  • Zoals ook gevraagd in de stroomversnelling vragen we aan de Vlaamse Regering werk te maken van een brede systeemanalyse met een duidelijk stappenplan. Dat moet leiden naar een flexibel, duurzaam, betrouwbaar, leveringszeker, stabiel, betaalbaar en kostenefficiënt elektriciteitssysteem, gekoppeld aan een goede Europese, nationale en regionale geografische spreiding en oriëntatie van de energiebronnen. Hierbij moet de interactie met andere energiesystemen en -dragers in rekening worden genomen.

 

5. Zorg voor een andere financiering van de energietransitie

    De financiering van de energietransitie moet voorlopers belonen en achterblijvers meekrijgen. We vragen daarom om af te stappen van de doorrekening van alle kosten via de elektriciteitsfactuur. In plaats daarvan vragen we om een CO2-heffing op het gebruik van fossiele brandstoffen zoals stookolie en aardgas in te voeren. Hierdoor worden voorlopers die inzetten op een elektrificatie van verwarming (warmtepompen) en transport niet afgestraft. Bovendien stimuleert een heffing op fossiele brandstoffen energiebesparing.